Matti Klenell – 10 Years of Dialogue with Iittala

De ontwerper en kunstenaar Matti Klenell viert dit jaar zijn tienjarig jubileum bij Iittala. Om deze lange en succesvolle samenwerking luister bij te zetten, host Iittala Store Antwerpen een tentoonstelling van Klenells werk. Het thema van de tentoonstelling is het belang van dialoog, iets wat in vele vormen wordt verkend: tussen de ontwerper en zijn inspiratiebronnen, maar ook tussen de ontwerper en het bedrijf waarmee hij samenwerkt, hetgeen resulteert in een evenwichtsoefening tussen innovatie en erfgoed.

De tentoonstelling Matti Klenell – 10 years of Dialogue with Iittala (10 jaar dialoog met Iittala) is van 10 oktober tot en met 31 december te zien in de Iittala Store Antwerpen, Korte Gasthuisstraat 24.

Om iedereen een prettige en veilige ervaring te bieden, vragen wij met niet meer dan 10 personen tegelijk in de winkel te zijn. Houdt u alstublieft afstand tot elkaar en de staff – ook in de expositieruimte. Hartelijk dank voor het bijdragen aan een veilige omgeving.

 

Bekijk de video Matti Klenell – 10 Years of Dialogue with Iittala


Een optimale ontwerpsamenwerking bestaat uit een soepele en open dialoog tussen een ontwerpstudio en een ontwerper. De afgelopen tien jaar heeft Iittala samengewerkt met Matti Klenell, die zijn eigen progressieve route heeft uitgezet door een fusie te creëren tussen nieuw en erfgoed. In gesprekken met hem hebben we gesproken over organische verbindingen, waarbij we ingingen op tradities en leven met licht.

Een organische verbinding

De samenwerking van Matti Klenell met Iittala wordt gekenmerkt door serendipiteit op het gebied van ontwerp, inspiratie en verbinding. Ongeveer tien jaar geleden begon Klenell na te denken over de klassieke glazen vogels van Oiva Toikka en hoewel hij noch over de vogels noch over Toikka veel wist, wist hij wel dat de vogels gemaakt werden door Iittala. Dus besloot hij naar de showroom van Iittala in Stockholm te gaan om “wat rond te gluren”. “Ik wilde de vogels graag zien om erachter te komen of ik iets ervan in mijn werk zou kunnen gebruiken”, legt hij uit.


Voor Klenell vertegenwoordigden de vogels van Toikka een zeer traditionele benadering van glasfabricage – een die zowel traditioneel als technisch uiterst geavanceerd was. Een week na zijn vogelobservatietrip werd hij benaderd door Iittala. “Ze vroegen me of ik wat schetsen wilde maken voor een project met vogels. Dat was een soort lotsbestemming.” De vogelschetsen bleken uiteindelijk het begin van een vruchtbare dialoog die uitmondde in een decenniumlange samenwerking, gekenmerkt door nieuwsgierigheid, inventiviteit en succes.

Een continue dialoog

De tien jaar lange dialoog heeft geleid tot een sterke relatie, niet alleen tussen Klenell en Iittala, maar ook tussen de glasblazers en Klenell. “Ik vind het geweldig om samen te werken met bedrijven die zelf de producten maken die ze verkopen. Bedrijven met productieafdelingen waar dingen gebeuren, waar je ook met de mensen kunt praten die de objecten maken”, vertelt hij voordat hij doorgaat met het afbakenen van de rol van de ontwerper. “Ik denk dat je een ontwerper een beetje kunt vergelijken met een journalist: het is mogelijk dat je helemaal niets weet van de specificaties van een materiaal en van de technieken, maar je moet vragen stellen en accepteren dat je soms dom overkomt.” In de meeste gevallen is het antwoord “nee”, maar als het “ja” is, ziet Klenell een mogelijkheid. “Je moet met dat ‘ja’ iets interessants maken.” Voor hem als ontwerper is de samenwerking met de glasblazers essentieel en van vitaal belang: de inbreng van de glasblazers is cruciaal voor het resultaat van het werk. “Je kunt wel wekenlang met je schetsboek aan de gang zijn, maar alles verandert wanneer je de hete werkplaats binnenstapt en ermee aan de slag gaat.” Glas is een wispelturig materiaal, maar als je openstaat voor die wispelturigheid en het onverwachte omarmt, vind je iets nieuws.

Werken met licht

Als ontwerper is Klenell bekend met licht. In een vroeg stadium van zijn samenwerking met Iittala werd hem gevraagd een kandelaar te ontwerpen die niet van glas zou worden gemaakt. Met de vrijheid om elk materiaal te kiezen, koos hij ervoor de wereld te verkennen van de hulpmiddelen die glasblazers gebruiken, in plaats van zich te richten op wat eruit moest komen. Hij liet zich inspireren door de glasblaaspijpen, de houten, grafieten en ijzeren gietvormen, en de scharen die bij het glasblazen worden gebruikt. Uit deze verkenningsreis ontstond de onsterfelijke en geliefde Nappula.

In zijn werk hanteert Klenell licht als een materiaal – een prachtig, immaterieel materiaal. “Verlichtingsontwerp en glasontwerp zijn nauw met elkaar verbonden”, geeft hij aan. “Licht en glas dansen met elkaar op een spectaculaire manier, waarvan je nooit genoeg kunt krijgen.”

In 2015 werd Klenell gevraagd voor het interieur van het restaurant van het zojuist verbouwde Zweedse Nationalmuseum. Wederom kreeg hij de kans om zich met licht en glas bezig te houden, dit keer op een heel andere schaal. In plaats van een vast object te ontwerpen, schetste hij een lamp zonder de hoogte ervan aan te geven en ging met zijn tekeningen naar de fabriek van Iittala. “Het was een spannende uitdaging voor de glasblazers en het was indrukwekkend om te zien wat eruit kwam. De ruwe stukken, voordat ze werden losgeknipt, waren een meter hoog en wogen twintig kilo, en balanceerden aan de glasblaaspijpen.” De uiteindelijke stukken staan fier rechtop, als eerbewijs aan de unieke relatie tussen licht en glas.

Eigen benadering van vooruitgang

Het werk van Klenell wordt vaak omschreven als speels en simpel; objecten die balanceren tussen logisch en onlogisch. “Ik probeer altijd op elk niveau boven mezelf uit te stijgen”, verklaart hij. Maar hij wil zichzelf niet onder druk zetten en definieert vooruitgang niet als beter worden in één specifiek iets. Voor hem betekent vooruitgang veeleer komen met iets nieuws. In plaats van ergens de beste in worden, wil hij liever goed zijn in iets nieuws maken. “Ik zou graag iemand zijn die vooruitgang boekt door telkens weer nieuwe dingen te maken.”